• Ton Dijkstra

Cliënten sociaal domein tevreden over dienstverlening

HOOFDDORP Inwoners van Haarlemmermeer die te maken krijgen met het sociaal domein zijn goed te spreken over de dienstverlening. Gemiddeld krijgt de gemeente een 7.5. Dat blijkt uit een onderzoek onder cliënten, dat de wethouders Tom Horn en Ap Reinders dinsdag bekend hebben gemaakt.

De gemeente is sinds anderhalf jaar verantwoordelijk voor de uitvoering van de nieuwe Wmo, de Jeugdwet en de Participatiewet. Haarlemmermeer scoort bij de uitvoering van al die drie wetten een dikke voldoende: 7,4, 8 en 7,1. Volgens Horn en Reinders is dat een prima resultaat, maar nog geen reden om tevreden achterover te leunen. De gemeente wil waar mogelijk de dienstverlening verbeteren.

Dat is dan met name op het gebied van logeeropvang, de overbelasting van mantelzorgers, de eigen bijdragen van cliënten en het gebruik van meerdere voorzieningen. In het onderzoek zijn vooral daarover kritische reacties gekomen.

Ook de gemeente zelf is tevreden over de invoering van het sociaal domein. Het zogenoemde Haarlemmermeerse model, waarbij hulpverleners zelf de verantwoordelijkheid krijgen, blijkt in de praktijk goed te werken.

Ook de herindicatie van de hulp in de huishouding, waarbij talloze zogenoemde keukentafelgesprekken zijn gevoerd om hulp op maat te leveren, is goed verlopen. Er is weinig bezwaar aangetekend bij de gemeente over genomen beslissingen. Mensen die niet meer in aanmerking kwamen voor huishoudelijke hulp hebben die hulp zelf moeten regelen maar doen daardoor wel vaker een beroep op de bijzondere bijstand.

De wethouders Horn en Reinders stelden dinsdag tevreden vast dat de gemeente haar zaken goed op orde heeft.

Uit de jaarrekening 2015 blijkt overigens dat de gemeente over vorig jaar 2.4 miljoen euro heeft overgehouden op het Wmo-budget van ongeveer 40 miljoen euro. Volgens wethouder Horn komt dat bedrag niet ten goede aan de cliënten van het sociaal domein, omdat er wat financiële tegenvallers tegenover staan. Zo krijgt de gemeente dit jaar 1.4 miljoen euro minder voor uitvoering van de sociale taken. Ook is er een tekort op de bijzondere bijstand.

Als er dan nog geld overblijft, wordt dat bij de zogenoemde behoedzaamheidsreserve gevoegd. Dat is een extra geldpotje om tegenvallers in het sociaal domein te kunnen opvangen.