• Snelle, maar ook gewone treinen, kunnen veel vluchten over korte afstanden, zoals van KLM Cityhopper, overbodig maken.

    René de Leeuw

133.000 vluchten schrappen

SCHIPHOL Snelle treinen kunnen zo'n 133.000 vluchten op Schiphol overnemen indien er een goed netwerk is waarmee 31 belangrijke internationale bestemmingen kunnen worden bereikt. Maar ook met bestaande gewone treinverbindingen is het mogelijk al 89.000 vluchten op Schiphol overbodig te maken. Dat kan door slimmere inzet van materieel, slimme dienstregelingen, betere informatie over tarieven en tijden, en concurrerende prijzen.

Dat blijkt uit een onderzoek dat ingenieursbureau Royal Haskoning DHV heeft verricht in opdracht van onder meer Greenpeace, Natuur & Milieu en de Natuur en Milieu Federatie Noord-Holland. Voor het onderzoek is een analyse gemaakt van bestemmingen vanaf Schiphol waarvoor de trein concurrerend gemaakt kan worden met het vliegtuig. Het gaat om 31 bestemmingen tot op 750 kilometer van Schiphol. Op die afstand liggen onder meer Göteborg, Glasgow, Nantes, Lyon en Praag. Naar die 31 bestemmingen gaan momenteel 241 vluchten per dag, wat neerkomt op 176.000 vliegtuigbewegingen per jaar, iets meer dan een derde van het totale aantal vluchten op Schiphol. Daar kan driekwart van af en dan zou, wat de milieuorganisaties betreft, uitbreiding van Schiphol niet meer nodig zijn.

WACHTTIJDEN Reizigers kiezen vaak voor het vliegtuig, omdat ze denken dat dit sneller is. Reken je wachttijden op luchthavens mee, dan valt de reistijd van een vliegreis nog wel eens tegen. Een treinreis is in de praktijk echter vaak lastiger te regelen dan een vliegreis. Het boeken verloopt moeizaam. Niet alle verbindingen kunnen via ieder boekingsplatform worden geboekt. Aanbieders zijn veelal nationale spoorwegmaatschappijen, die hun tarieven geoptimaliseerd hebben voor het (voor hen veel grotere) binnenlands verkeer, inclusief betaalsystemen. Getoonde tarieven zijn vaak niet de voordeligste. Verder is er voor reizigers in het geval van gemiste of uitgevallen treinen veelal geen begeleiding, die er op luchthavens wel is.

Ook verliezen treinen vaak nog veel tijd door technische barrières, bijvoorbeeld omdat landen verschillende elektriciteitsvoorzieningen en beveiligingssystemen hebben. Daardoor moeten bijvoorbeeld aan de grens locomotieven gewisseld worden, zoals bij de intercity vanuit Nederland naar Berlijn het geval is.

SNELLE TREINEN Ook al is er voor het reizen met bestaande treinen al veel te verbeteren, nog concurrerender wordt het spoor met snelle treinen.

Volgens het rapport moet daarbij het verbinden van de Europese metropolen met 300 tot 350 kilometer per uur voorop staan. Dat moet eigenlijk ook in Europees verband worden aangepakt, omdat nationale belangen nu nog een belangrijke rol spelen, wat snelle treinen internationaal niet optimaal aantrekkelijk maakt.