• Van links af Jan Jansen, Ellen Kemp en Dago Wellink.

    Marina der Wit

Hulp bij rouwverwerking essentieel

Humanitas matcht vrijwilliger en achterblijver

Marina de Wit

HOOFDDORP Vrijwilligers bij de activiteit van Humanitas 'Steun bij Verlies en Rouw' helpen iemand die een verlies moet verwerken. Dit betekent niet alleen verlies van een dierbare, maar kan ook verloren vertrouwen zijn, verlies van een goede gezondheid of een scheiding. De aanpak wérkt: 'Na 30 jaar durfde ik eindelijk de doos met spullen van mijn overleden zoon open te maken.'

Ellen Kemp is coördinator en matcht een hulpvrager aan een vrijwilliger. "Ik probeer een goede match te maken. Op dit moment hebben we tien koppelingen. Een traject duurt gemiddeld een half jaar tot een jaar", legt zij uit.

"Vrijwilligers kunnen goed luisteren en de hulpvrager houdt te allen tijde de regie over zijn eigen leven. Vrijwilliger en hulpvrager gaan gelijkwaardig met elkaar om." Bij Humanitas volgen vrijwilligers een training en komen iedere zes weken bij elkaar om elkaar op de hoogte te houden. Kemp vertelt verder: "Het is geen therapie, er wordt je niks opgelegd, op eigen kracht ga je iets veranderen."


GEHEIM Dago Wellink kwam begin dit jaar bij toeval met Humanitas in aanraking. "Ik kende het hulptraject niet, maar via een vriend, die plotseling zijn vrouw was verloren, hoorde ik erover. Ik dacht gelijk 'Die aanpak spreekt mij aan'. Wellink verloor zijn 19-jarige zoon in de jaren negentig als gevolg van een motorongeluk. "Na het ongeluk ben ik in mijn werk gevlucht en ging allerlei studies volgen om er maar niet over te hoeven praten." Iedereen in mijn gezin verwerkte het verdriet op zijn of haar eigen manier. Je wilt niemand met jouw verdriet belasten en zielig gevonden worden." En er werd dus niet of nauwelijks over gesproken. Wellink staat positief en actief in het leven, maar voelt al 30 jaar op bepaalde momenten 'een steen in de maag'. "Vooral de dagen rondom de datum dat het ongeluk plaatsvond, zijn zwaar. Dat houd je dan voor jezelf."

DOOS MET SPULLEN Wellink is het traject half februari ingegaan. "Het mooie is de laagdrempeligheid, een verwijzing van een dokter is niet nodig. Het is ook nog eens kosteloos. Ik heb nu vijf gesprekken met vrijwilliger Jan Jansen gehad. Jan luistert goed en vraagt door. De eerste stap was dat ik na 30 jaar eindelijk de doos met spullen van mijn zoon samen open durfde te maken." En al na een paar gesprekken durfde hij het gebeuren aan te kaarten bij familieleden en bij enkele leden van zijn wandelgroep. "Al de tijd daarvoor stopte ik het weg, ook soms omdat mensen die er al van hadden gehoord het waren vergeten en je ze er verder niet opnieuw mee wilde belasten. Door de gesprekken met Jan heb ik geleerd beter met het hele gebeuren om te gaan. Nog steeds als ik een motor op de autoweg zie, is er een soort trigger. Erover praten, geeft nu verlichting. Ik zou het prachtig vinden als anderen die in een vergelijkbare situatie zitten de kans grijpen om bij Humanitas aan te kloppen. Mij heeft het in ieder geval enorm geholpen." De gesprekken vinden in een vertrouwde omgeving plaats.

STAPELVERDRIET Jansen vertelt: "Als vrijwilliger is het is belangrijk dat je geïnteresseerd bent in mensen en open staat voor hun verhalen. Voor Humanitas was ik al actief in sociaal werk. Je moet vooral niet gaan invullen voor een ander, maar ze zelf aan het werk laten." Begeleiding gaat door zolang er behoefte is. Kemp vult aan: "Dat bepalen we met ons drieën. Vaak is er stapelverdriet. Maar de gesprekken zijn niet alleen zwaar hoor, er zijn ook mooie verhalen, we lachen samen en emoties tonen mag." Wellink sluit af: "Ik heb door mijn pensionering meer ruimte gekregen om na te denken. Rouw gaat nooit over, maar het moet een plek krijgen. De gesprekken helpen mij hierbij."

Contact via 06 46770572, humanitas.steunbijrouw@gmail.com of
humanitas.nl/programmas/steun-bij-rouw